Case: Tweewaters

Meer dan de som der delen

 

Het voormalige industriële gebied aan de Vaartkom in Leuven (België) is door Jo Vandebergh (CEO Ertzberg) verrassend op de kaart gezet. Ertzberg ontwikkelde samen met Stéphane Beel Architecten, waar projectarchitect Tom Debaere deel van uit maakt, en Xaveer de Geyter Architecten het masterplan voor dit desolate gebied aan de rand van het centrum. De nieuwe, ambitieuze en dynamische stadswijk heet nu Tweewaters, trekt met de blikvanger Balk van Beel veel - internationaal - bekijks én is uitgeroepen tot Europees demonstratieproject. En dat is niet voor niets.

 

PROJECTDETAILS  
architect: Stéphane Beel Architects
bouwkundig ingenieursbureau: BAS bvba (Leuven, België) 
technisch ingenieursbureau: Ingenium nv (Brugge, België)
aannemer: Willemen General Contractor nv (Brugge, België)
locatie: Leuven (België)
bebouwde oppervlakte: 14.000 m² 
bouwperiode: 2009-2013
Mosa-collectie: Mosa XT 202V (Exterior Flooring Collection)

 

Holistische benadering

Jo Vandebergh: “Na de aankoop van de voormalige industrieterreinen van INBEV (brouwerijketen) in Leuven kon ik niet anders dan gelijk een toekomstvisie voor een nieuwe stadswijk op papier zetten. De zienswijze die ik aan het papier toevertrouwde, is gebaseerd op het geloof dat alle facetten van ons leven, zoals ruimte, afval, water, energie, materiaalgebruik, diensten en consumptie nauw met elkaar vervlochten zijn. Ze bepalen onze manier van wonen en leven en hebben een impact op onze ecologische voetafdruk. Voor mij is dat een essentieel inzicht. Met die samenhang moet je rekening houden. Je moet er mee leren omgaan. Maar ik ben niet naïef! Ik weet dat mensen zich niet vanaf vandaag op morgen duurzaam gaan gedragen. De  angst voor verminderd leefcomfort - door onbekendheid - is nog te groot. En dat is de uitdaging waar we voor staan. Want, kun je dat comfort op duurzame wijze handhaven en zelfs vergroten, dan gaan mensen zich daar mogelijk ook naar gedragen. Enfin. Met die visie ontstond eigenlijk een soort van bijbel, die het gehele projectteam stimuleerde om het holistische gedachtengoed maximaal in de praktijk te implementeren. Mosa heeft daaraan bijgedragen. Zij hadden in hun bedrijfsprocessen deze weg al afgelegd. Hun huiswerk gedaan en dus een Cradle to Cradle® certificering behaald voor al hun keramische producten. Mede gekoppeld aan esthetiek! En dat niet alleen. Ze dachten ook mee over het maatschappelijke kader. Wist je dat de snijverliezen van Mosategels op onze werf werden verzameld door mensen die moeilijk kunnen participeren op de arbeidsmarkt? Deze mensen konden via de sociale onderneming Levanto toch werken. En met effect. Want alle snijverliezen werden teruggezonden naar Maastricht voor de aanmaak van nieuwe tegels. En dat is nou juist de brede duurzaamheid waar wij naar op zoek waren. Holisme pur sang.”

 

Duurzaamheid kan de kwaliteit van ontwikkeling en architectuur niet in de weg staan.

Ik zou het weer zo doen

Jo Vandebergh vervolgt: “We stonden voor een grote opgave destijds. We hadden weliswaar een fantastisch plan, maar in 2009 was geen enkele grote bankier bereid ons project te financieren. We botsten op ongeloof vanwege onze combinatie van stevige duurzaamheidsprincipes, de verhoging van het leefcomfort én de hoogwaardige architectuur. De crisis droeg absoluut niet bij aan vertrouwen. Het plan was voor bankiers een brug te ver. We besloten toch van start te gaan op basis van eigen middelen. Ik was er namelijk van overtuigd dat we een bijzonder product hadden en geloofde heilig dat mensen in tijden van economische turbulentie teruggrijpen naar duurzame producten die de tand des tijd doorstaan. Dan investeren ze graag hun centen. En dat bleek ook zo te zijn. Want op het toppunt van de crisis, toen mensen het vertrouwen in banken kwijtraakten, trokken we toch klanten aan. De meewerkende houding van (met name) de lokale overheid droeg daar ook aan bij. Zij ondersteunden ons hoge ambitieniveau. Zet daar het doorzettingsvermogen van het team naast en je kunt niet anders dan slagen. Maar dan moet je wel vooruit durven kijken. Extra inspanningen durven te verrichten. En verder gaan dan wettelijk kaders. Dit project is dan ook in alle opzichten een succesverhaal geworden. Tevens financieel. Zeker. Maar nog belangrijker vind ik de maatschappelijke ‘return on investment’. We zijn daarin uniek. Mede omdat we op geen enkel moment hebben toegegeven aan onze duurzaamheidsprincipes.” 

 

Tweewaters-Leuven-02.jpg

 

Tweewaters-Leuven-14.jpg

 

Tweewaters-Leuven-09.jpg
Tweewaters-Leuven-04.jpg

 

Tweewaters-Leuven-08.jpg

 

Tweewaters-Leuven-06.jpg

 

De meeste vastgoedontwikkelingen worden gedreven door louter financieel rendement. Niet de onze.

Duurzaamheid kent vele kanten

Tom Debaere: “Onze zienswijze sloot aan bij die van Ertzberg. Wij vinden dat het de taak van de architect is om verder te gaan. Meer te bieden dan de klant vraagt en deze positief te verrassen. En hoewel duurzaamheid volwassen aan het worden is, vinden we veel toepassingen nog vrij eenzijdig. Het wordt als modewoord gebruikt. Het is een containerbegrip geworden. En dat maakt het zo dubbel. Duurzaamheid is in onze ogen echt allesomvattend. Het is holistisch, zoals Jo Vandebergh het net al zegt. Het is dan ook onze taak om geïntegreerd te werken, geen enkele vraag uit de weg te gaan en alle disciplines te betrekken. Van zeer praktische tot specifiek ruimtelijke overwegingen. Wij demonstreren in het project Tweewaters dat alle zaken gekoppeld kunnen worden: van milieuvriendelijk bouwen, aandacht voor energie en akoestiek tot daglicht, circulatie en het betrekken van de omgeving. Iedereen denkt bij duurzaamheid aan goed isoleren. De overheid spitst zich ook zeer sterk op dat energetische verhaal toe. Maar het gaat verder. Ontwerp - en daar gaat het om - moet leiden tot het gebruik van een gebouw. Hun blijvende functionaliteit maakt gebouwen duurzaam. Ook als er nieuwe ontwikkelingen zijn.”

 

Je moet atypisch willen zijn. Op elkaars terrein durven te komen. Zonder a-priori’s. Alleen zo kom je verder in een samenwerking.

Minimale inspanning, maximale opbrengst

Tom Debaere vervolgt: “Bouwen is nog altijd arbitrair en evolueert maar zeer matig. We stapelen nog steeds stenen op elkaar. Maar vanuit de gestelde duurzaamheidseisen en specifiek voor de Balk van Beel hebben we zo ontworpen dat naderhand en indien gewenst het gebouw een andere functie kan krijgen. Je hoeft niets kapot te maken. Het is levensbestendig doordat het aangepast kan worden. Zo behoudt het waarde. Niet alleen het gebouw zelf overigens. De Balk werkt ook structurerend en stimulerend voor haar omgeving. Als een kapstok waar je alles aan kunt ophangen. Het gebouw geeft kwaliteit aan de site. Bovendien wilden we dat het ontwerp en de functies die we inbrachten de belangrijkste motivator voor leefcomfort zouden zijn. Dat mensen zich bewust of onbewust duurzaam zouden gaan gedragen.”

 

Jo Vandebergh vult aan: “Laat ik een voorbeeld geven. Elke appartement heeft een eigen thuisleveringskast in de entreeruimte. Hier kunnen leveranciers pakketten afleveren: van kleding tot voeding. De kast ontvangt en tekent namens de bewoner af. Ze is gekoppeld met de smartphone of tablet van bewoners en bericht dat goederen zijn aangekomen en uit de kast gehaald kunnen worden. Ook retourzendingen zijn mogelijk. Deze slimme kast verhoogt niet alleen het leefcomfort, maar heeft ook een ecologische meerwaarde. Leveringen kunnen namelijk altijd plaatsvinden. Bezorgers staan niet meer voor gesloten deuren. Zo worden de mobiliteitsdruk én de emissies op logistiek gereduceerd. Bovendien nodigen we bewoners regelmatig uit om bijvoorbeeld spaarlampen, batterijen en ongebruikte kleding in de kast achter te laten. Deze feitelijke grondstoffen worden vervolgens opgehaald en geschikt gemaakt voor hergebruik. Dat is een crowdrecycling gedachte: een grote groep mensen levert met een minimum aan inspanning veel op.”

 

Belgen hebben een baksteen in hun maag.

De lat hoger leggen

Tom Debaere: “We hebben ook veel aandacht besteed aan de relatie tussen publieke en private ruimten door neutrale plekken, zoals een trappenhuis en een gang, om te vormen tot een ontmoetingsruimte. Een sociaal effect te creëren. Eenvoudig door minder aandacht op de lift te leggen en meer op het gebruik van het trappenhuis.” Jo Vandebergh: “Mijn keuze om maar met één Mosategel te werken voor het gehele gebouw draagt daaraan bij. In de Balk van Beel is bewust één en dezelfde kleur tegel - de 202 V Terra - verwerkt in 15.000 m2. Deze Mosa XT (Exterior Flooring Collection) vertrekt vanuit het midden van het gebouw en loopt door in zowel gemeenschappelijke-, buiten- áls privaatruimtes in één doorlopend tegelpatroon. Ruimtes worden zo naar elkaar toegetrokken en vergroot. De ruimtelijke beleving wordt intenser. Het heeft een fenomenaal verbindend effect.” 

 

Tom Debaere: “Zo zijn zeer gedurfde keuzes gemaakt, die niet altijd evident zijn. Zowel niet voor de architect als de koper. Je weet dat Belgen graag zelf bouwen en verbouwen. Ze hebben - zoals wij het zeggen - een baksteen in hun maag. Dat voor hen gekozen was, had hen kunnen afschrikken. Maar omdat die ene tegel architectonisch verbinding en rust geeft, krijgt het ook een sociale functie. We hebben in de Balk van Beel en Tweewaters bewezen dat een eindgebruiker mee kan gaan in kaders en voorstellen, mits het eindproduct hoogwaardig is en er genoeg ruimte overblijft voor individuele wensen. Er is voor ieder wat wils.”

Mosa’s meerwaarde
In de Balk van Beel is dankzij de Mosa XT 202 V - Exterior Flooring Collection - een bijzonder optisch effect bereikt qua patroon en kleur. Met deze bijzondere C2C-collectie is het namelijk mogelijk een doorlopend vloeroppervlak te creëren waardoor een absolute architectonische meerwaarde ontstaat ten aanzien van de uitstraling.

Tweewaters-Leuven-10.jpg
Tweewaters-Leuven-01.jpg